Atelier steensculptuur > Zwikken Zavelkerk


Conservatie en restauratie van de zwikvullingen en de architecturale elementen rond de muurschilderingen van het koor van de Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zavelkerk te Brussel


Medewerkers KIK: Camille De Clercq, Sam Huysmans en Danuta Stelmaszyk
Financiering: Anoniem mecenaat en subsidies van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest toegekend op advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen
Looptijd: 2016

De muurschilderingen zelf worden onder handen genomen door het atelier muurschilderkunst van het KIK. Klik hier voor de projectbeschrijving

 



Het koor van de Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zavelkerk bestaat uit elf stenen traveeën. Deze zijn versierd met een reeks niches met muurschilderingen met daarboven gesculpteerde en gepolychromeerde zwikvullingen. De traveeën die naar het sacrarium en naar de sacristie leiden,  bevatten geen muurschilderingen. De muurschilderingen, zwikken en doorgangen naar de aanpalende ruimtes zijn omkaderd met een reeks gepolychromeerde drielobbige boogjes.

De muurschilderingen zijn het werk van Jean Vander Plaetsen. Ze werden uitgevoerd in 1867 in het kader van de restauratie van het koor en bedekken de gotische schilderingen waarvan er sommige van 1435 dateren. De niches en doorgangen zijn bekroond met zwikvullingen waarop gesculpteerde personages zijn voorgesteld. Alle zwikvullingen lijken te dateren uit het begin van de vijftiende eeuw en beelden Bijbelse gebeurtenissen uit. Sommige illustreren tevens het leven van de Maagd Maria. We hebben zeer uiteenlopende stijlen geobserveerd: van lang en mager tot eerder mollig. De sculpturen op de zwikken dateren van de vijftiende eeuw, maar de polychromie werd overschilderd bij de restauratiecampagne in de negentiende eeuw. De architectuur rond de schilderingen en sculpturen is eveneens gepolychromeerd. De architectuur van het koor (muren, bundelpijlers) is uitgevoerd in Lediaanse zandsteen. Waarschijnlijk gebruikte men deze steen ook voor de gesculpteerde zwikvullingen omdat deze lokale zandsteen zich zeer goed leent voor fijn beeldhouwwerk en talrijke beeldhouwers haar gebruikten in de loop van de veertiende en vijftiende eeuw.

Voor de pilootrestauratie hebben we ons geconcentreerd op de zwikvullingen die ons in slechtere staat leken: de zwikvullingen en boogjes boven de personages van de heilige Quinten en de heilige Joris in het noordelijk deel van het koor, uiterst rechts in de noordtravee (travee 3/11) en die die de Heilige Drievuldigheid en God als Redder van de Wereld omkaderen, boven het sacrarium in de koornis (travee 4/11). Vanwege een defect aan de dakgoten in het verleden, heeft het metselwerk decennialang onder vochtinsijpeling geleden. Als gevolg hiervan zijn zouten in de muur gemigreerd en hebben ze zoutuitbloei veroorzaakt. Dit proces leidt tot een toenemend verlies aan hechting en op enkele plaatsen tot opstuwingen van de verflaag en materiaalverlies. Het fenomeen doet zich vooral voor in de figuur van de heilige Lucas. De dakgoten werden inmiddels hersteld en de bron van de zoutuitbloei lijkt daarmee gesaneerd. De zwikvullingen en architecturale elementen vertoonden ook een verkleuring die te wijten is aan materiaalafzetting op het oppervlak en verschilt in dikte afhankelijk van de plaats. Bovendien was het oppervlak volledig bedekt met een grof aangebracht vernis dat wellicht van latere datum is dan de neogotische polychromie.

De conservatie- en restauratie-ingrepen werden uitgevoerd om het voortbestaan en de herwaardering van de zwikvullingen te verzekeren. De voorgestelde behandeling bestond uit een plaatselijke consolidatie van de drager, uit het fixeren van de opgestuwde verfschollen, kleine structurele opvullingen, een reiniging en een retouche van de lacunaire zones. De gebruikte methodes werden aangepast aan de materialen van het te behandelen oppervlak.